Babyautostoeltje
ispagina
Uw baby kan in principe direct na de geboorte vervoerd worden in een babyautostoeltje.
Keurmerk
- Koop altijd een stoeltje dat aan de Europese veiligheidseisen voldoet. Dat ziet u aan het oranje ECE-keurmerk (ECE 44/03 of 44/04).
- Uw baby kan het best op de achterbank in een babyautostoeltje zitten en dus niet in de reiswieg of op schoot. Dat is levensgevaarlijk als er ineens geremd moet worden of bij een onverwacht manoeuvre.
- Als u een tweedehands stoeltje aanschaft, controleer dan of dit niet beschadigd is of betrokken is geweest bij een aanrijding. Zo'n stoeltje is dan niet meer veilig.
Airbag
- Heeft uw auto een airbag voorin? Dus bij de stoel naast het stuur? Dan mag u daar nooit een babyautostoeltje zetten.
- Als u de airbag uit kunt zetten, mag u daar wel een stoeltje plaatsen.
- Zet het babyautostoeltje altijd met de rug naar voren toe. Dus tegen de rijrichting in.
- Uw baby zet u in het autostoeltje vast met de Y-gordel van het babyautostoeltje. Het babyautostoeltje zet u dan vast met de gordel in de auto. Dat is een 3-puntsgordel.
Op tijd aanschaffen
Het is het best om het babyautostoeltje een paar weken voor de bevalling alvast in huis te halen. U kunt dan vóór de bevalling uitzoeken hoe het stoeltje werkt en hoe het in de auto vastgemaakt moet worden. Dan weet u hoe het moet als de baby er is.
Meer informatie
Meer informatie over het veilig vervoeren van je kind in de auto kun je lezen vind je op VeiligheidNL.

Veilig vervoer kinderen in de auto
Delen